Als ik de stofzuiger uitzet hoor ik een vreemd geluid. Gefladder. Binnen. Plots zie ik wat het veroorzaakt: een mus, bovenop de kast, zittend in een plant. De mus kijkt mij geschrokken aan, ik kijk geschrokken terug. Hoe krijg ik dit beest naar buiten? denk ik en hoop op twee dingen: dat hij zich niet tijdens de zoektocht naar buiten tegen het raam te pletter vliegt, en dat hij niet al m’n spullen onder schijt. Mussen poepen niet tijdens het vliegen toch? Dat doen alleen meeuwen. Iets geruster ga ik op zoek naar het keukentrapje en een theedoek. Wanneer ik terugkom met mijn wapens in de aanslag ben ik de mus kwijt. Muisstil probeer ik als een echter vogelspotter te luisteren of hij nog in huis is. Z’n zachte gefrutsel aan mijn gordijn verraad z’n schuilplaats. Als een held op sokken ga ik op m’n trapje staan met theedoek in de aanslag. Nu heel snel handelen. Niet twijfelen. Blinde paniek bij ons allebei. Met een snelle beweging probeer ik hem te vangen. Tevergeefs. Razendsnel vliegt hij naar de andere kant van het huis, bijna naar buiten, maar vlak voor de balkondeur maakt hij een zweefduik naar het plankje aan de muur. Ik zucht, dit kan zo nog lang gaan duren. Mijn plotselinge beweging maakt dat de mus zijn ontsnappingspoging weer in zet, deze keer in de goede richting en direct naar buiten! Godzijdank. Ik inspecteer de woonkamer en zie dat zowel de mus als mijn spullen deze thriller zonder kleerscheuren hebben doorstaan. Toch tref ik een klein hoopje poep op de grond aan en ben ik blij dat het geen meeuw was.
Typisch Hollander
Reactie plaatsen
Reacties